U bent hier: Home Columns Onderweg naar de toekomst

Onderweg naar de toekomst

Stel je eens voor dat je op reis bent. Je bent onderweg naar een bestemming ergens ver weg. Je weet niet precies hoe het er daar uit ziet, maar je weet wel dat je ernaartoe moet. Je hebt al vaak over de bestemming gehoord. Bijna al je vrienden, familie en kennissen zijn onderweg naar diezelfde bestemming. Je komt ze onderweg tegen. Soms heb je het gevoel dat je wordt ingehaald. Je gaat harder lopen. Je bent bang dat iemand anders er eerder is dan jij. Je bent voortdurend onderweg. Met de fiets, met de auto, met het vliegtuig en zelfs rennend. Er komt geen einde aan je reis. Je wordt gedreven door onrust en onzekerheid of je de bestemming überhaupt ooit zal bereiken. Hoe dichter bij je komt, hoe meer mensen je om je heen ziet die er ook naar toe willen. Iedereen heeft het erover, maar niemand is er ooit geweest. Soms lijkt het alsof je bestemming dichterbij komt. Heel in de verte denk je het zelfs al te zien liggen. En hoe dichterbij je lijkt te komen, hoe harder je begint te lopen.

‘De koers wordt verlegd. De reis wordt nog langer. Je zucht.’

Maar, terwijl je dichterbij komt lijkt de bestemming steeds te veranderen. Opeens hoor je om je heen, dat de bestemming niet meer hetzelfde is als eerst. De koers wordt verlegd. De reis wordt nog langer. Je zucht. De onzekerheid word je bijna te veel. Maar je spoort jezelf aan en gaat weer verder. De reis zelf kan je steeds minder schelen. Er is geen tijd om te genieten. Je volledige aandacht wordt opgeslokt door het mentale beeld wat je hebt gemaakt van de bestemming.

Na jaren van reizen kom je plotseling aan. Je bent daar, waar je altijd naar toe onderweg was. Een beetje onwennig kijk je om je heen. Het gekke is, dat je je helemaal niet zoveel anders voelt dan eerst. Moe van de lange reis. Voldaan dat je er eindelijk bent en ook een beetje teleurgesteld. De bestemming Toekomst, waar je altijd naar onderweg was, blijkt niet te bestaan zoals jij je had voorgesteld. Nu je op de plek bent aangekomen die je ooit De Toekomst noemde, blijkt het gewoon weer het nu te zijn.

‘Nu je op de plek bent aangekomen die je ooit De Toekomst noemde, blijkt het gewoon weer het nu te zijn.’

Terug naar het nu

We zijn een groot deel van ons leven onderweg naar een denkbeeldige toekomst. Terwijl we er zo hard naar onderweg zijn, verliezen we ons leven nu uit het oog. Alles moet wijken voor de toekomst. Maar in alle haast vergeten we dat die toekomst nooit gaat komen. Althans, de toekomst komt nooit, als de toekomst. Zodra je aankomt in een plek, die je ooit de toekomst noemde is die toekomst gewoon weer het nu geworden. En dat toekomstige nu is in essentie niet zoveel anders, dan het nu van nu.

Hoe meer je dat tot je laat doordringen, hoe meer je kan beginnen om nu te leven. Je leven is nu. Je hoeft nergens naartoe, je hoeft niemand te worden. Je leeft nu al. Er hoeft helemaal niks te veranderen. Je bent er al. Je was altijd al in het oneindige nu.

‘Je hoeft nergens naartoe, je hoeft niemand te worden.’

Lees meer van Robin: